Exporterent
InDesign staat niet op elke computer. Je kan het document afdrukken en zo verspreiden of digitaal doorgeven in een formaat dat wel door elke computer herkend wordt.
Een PDF maken
Op elke computer kan je een PDF-bestand openen. Dus is het een goed idee om je publicatie als PDF door te geven.
- Kies in menu Bestand (File) – Exporteren (Export)
- Selecteer in de keuzelijst Opslaan Als: Adobe PDF (afdrukken).
- Geef het document een duidelijke naam, open de gewenste map en klik op Opslaan (Save).
Nu kan je de opties instellen:
- Kies bovenaan de gewenste voorinstelling:
- Afdrukken met hoge kwaliteit: standaard, bv. om op je inktjetprinter af te drukken;
- Drukwerkkwaliteit: maak een PDF-bestand met alle gegevens die een drukker of afdrukservicebureau nodig heeft om het document correct af te drukken.
- Kleinste bestandsgrootte: voor weergave op het web of verspreiding per e-mail.
- Stel eventueel verdere opties in, je kan bv. bij Bereik (Range) de paginanummers invullen als je niet alle pagina's wil
of bij een recto/verso document kiezen of je de afzonderlijke pagina's onder elkaar wil (Pagina's) of naast elkaar (Spreads).
- Klik op Exporteren (Export).
Een afbeelding exporteren
Wil je bv. een logo apart exporteren, niet het hele document?
- Selecteer het object (tip: bestaat uit verschillende elementen? Groepeer ze).
- Kies in menu Bestand – Exporteren, geef het bestand een naam en open de gewenste map.
- Open de keuzelijst Opslaan Als en selecteer het gewenste type, JPEG of PNG.
Een JPEG kent meestal de sterkste compressie, een PNG kan een transparante achtergrond bevatten.
Opmerking: bij het plaatsen (importeren dus) van een afbeelding of een ander object kan je de Importopties Tonen; dan kan je importeigenschappen aan- of uitvinken.